Nieuws van de NVORWO-voorzitter – Februari 2017

Op 6 december overleed Ed de Moor, oprichter en erelid van de NVORWO. De NVORWO zal zijn grote betrokkenheid bij het reken-wiskundeonderwijs en bij de vereniging enorm missen. In Volgens Bartjens kunt u het memoriam lezen voor Ed de Moor.

Er gebeurt onverminderd veel in het rekenwiskunde-onderwijs waar wij ook graag Ed de Moors mening over hadden willen horen. Fijne momenten waar je blij van wordt en minder mooie uitslagen, waar er zorgen komen.

Conferentie po-vmbo

Laat ik beginnen met zo’n blij moment. Dat had ik op 22 november 2016 op de studiedag Aansluiting Rekenen-Wiskunde voor po naar vmbo, georganiseerd door de NVvW, de SLO en de NVORWO. Dat was een mooie dag met inspirerende lezingen, workshops met veel betrokken mensen en heel tevreden gezichten. ‘Goed dat deze studiedag er is’ zei een leerkracht me, ‘daar heb ik zo’n behoefte aan’. Ik realiseerde me weer opnieuw hoe lastig het is om in het vmbo in klas 1 de kinderen rekenen-wiskunde te geven, die met zo’n verschillend eindniveau de basisschool verlaten. Ik zag mooie voorbeelden van een Rekenschrift dat kinderen vanuit de basisschool meenemen naar het vervolgonderwijs, met de linkerbladzijde voor het geleerde in po en de rechter voor het vo. Een vergelijkbaar initiatief is het Reken Portfolio voor de leerling en voor de leerkracht, dat in Friesland met projectgeld van de NVORWO is ontwikkeld en dat op de site van de NVORWO is terug te vinden. Allemaal inspirerende voorbeelden die gebruikt kunnen worden in de eigen regio om leerlingen in (brug)klas 1 een zachte landing te geven. De evaluaties lieten zien dat deze conferentie voor herhaling vatbaar is.

Rapportage referentieniveaus

Ook berichten waar ik minder blij van word bereiken me. Het College van Toetsing en Examens (CvTE) heeft haar Rapportage Referentieniveaus 2015 – 2016 doen verschijnen. In dat rapport wordt o.a. over de behaalde resultaten van rekenen-wiskunde aan het eind van het basisonderwijs gerapporteerd. Streven is dat 85% van de leerlingen het 1 F-niveau zou moeten halen en dat haalt 87% van de leerlingen gelukkig ook. Voor het 1 S-niveau daarentegen is het streven dat 65% van de leerlingen dit haalt, maar in de praktijk is dit 44%. Dat is veel te weinig. Deze cijfers betreffen het reguliere basisonderwijs waar de centrale eindtoets is gemaakt. Misschien dat dit lage cijfer van het streefniveau wel gelijk op loopt met gegevens uit het TIMSS-onderzoek.

TIMSS

In TIMSS Nederland wordt de trend van de prestaties in de exacte vakken in groep 6 vanaf het jaar 1995 iedere vier jaar vergeleken met de eerdere metingen en met metingen in de 49 deelnemende landen. Ik beperk me hier tot het onderdeel rekenen-wiskunde.
In het voorjaar 2015 is de toets door 4634 groep 6-leerlingen gemaakt, afkomstig uit 232 klassen en 133 scholen. In 16 landen hebben leerlingen het met rekenen significant beter dan de Nederlandse leerlingen gedaan. De Nederlandse leerlingen hebben met een score van 530 ruim boven het TIMSS-gemiddelde van 500 gepresteerd. Maar de score van Nederland is tegenover de TIMSS uit 2011 significant gedaald (van 540 naar 530), terwijl er 21 landen zijn die zich significant verbeterd hebben. Hoe kan dit?
Het blijkt dat de toetsprestaties van sterke en zwakkere leerlingen zoals bij iedere eerdere meting relatief dicht bij elkaar liggen. Dat geeft twee zijden van het spectrum: Er zijn geen echte uitvallers en daar zijn we trots op. Maar er zijn ook geen echte uitspringers en dat vinden we heel jammer. Het moet mogelijk zijn om leerlingen verder uit te dagen om zo zelfs meer te bereiken dan het 1S-niveau. Gebruik hiervoor bijvoorbeeld de problemen uit het Ei van Columbus, die iedere keer op de middenbladzijden staan van Volgens Bartjens…
Bij verdere analyse blijkt dat onze leerlingen het minst goed zijn in geometrische vormen en meten.

Collega’s, er zijn uitdagingen genoeg. Ik hoop dat u daar veel plezier en trots aan beleeft.

U kunt me altijd mailen!

Francis Meester,
Voorzitter NVORWO

Een reactie plaatsen

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.